Ze huilt. Vreugde en verdriet samen.
Misschien was alles anders geweest. Had xe9xe9n woord haar blik doen veranderen. Achteraf, leek de mistigheid meer angst dan correctie van haar leven. Het doodbloeden van mogelijkheden.
Terwijl haar tenger lijfje nxf3g sterker lijkt dan anders, onthult ze de laatste paar weken. Maanden – eeuwen voor haar gevoelsleven. Ze draait gracieus haar haren in een wilde knot, waar hier en daar passionele krullen uitspringen. Haar blanke, tedere huid wordt des te kwetsbaarder in haar al te naakte nek blootgesteld. Zoveel schoonheid gevangen in slechts een fractie van enkele seconden. Een fragment door mijn ogen. Wellicht het subjectieve beeld waar schilders de passie van het zuiden mee zouden trachten vast te leggen.
De diepte achter haar gebruinde vlies roept nog na. Zoals alleen net opgedroogde tranen de ogen nog laten na schitteren.
Ze wist het niet.
Ik wist het niet.
Terwijl we daar toch zo weken lang naast elkaar zaten. Met dezelfde feitelijke gebeurtenissen. Uiteraard wel een onuitgesproken verbondenheid gevoeld, maar nooit verder gegaan dan dat. Een vaag instinctief vermoeden van. Het vermoeden haar bij voorbaat al te mogen. Misschien dacht ik dat woorden en vragen mijn gevoel teniet zouden doen en was ik daarom zwijgzaam. Omdat juist de beleving alleen zo, onbenoembaar bleef. Puurder, onaangeraakt. Niet alles behoeft een uitleg. Niet alles hoeft zich te vullen met woorden. Een voorstelling is soms nxe9t iets echter dan het geschiedenis maken.
We wisten het niet van elkander.
Beslissingen maken. Angsten raadplegen.
We besloten elk, iets anders.
Terloops hoort ze het van de jonge heer tegenover me. Hij, die onbewust vrolijk gestemd naar me toe was gerend. Om te kijken. Om te voelen. Te vragen. Hoe het nu – en vooral de buik – was.
Een schok van haar naast me. Alsof ze een glimp ontving van wat had kunnen zijn. Van wat zij hadden kunnen zijn.
Haar tranen als een onverwachtse stortbui, komend van alle windstreken. Verwarring. Verbazing. En de confrontatie.
Terwijl ze haar hoofd schuilt tussen mijn boezem en we er wat verloren bij staan tussen de passerende studenten, beleven we zwijgzaam en snikkend de afgelopen maanden in retro perspectief. Beiden elkaars leven spiegelend in een parallel universum.
Het college relativiteit, behoeft voor ons geen zitting meer.